Omgevingsmonitoring tijdens de bouw van de Singelgrachtgarage-Marnix

Monitoring op de Marnixkade

Hoe werkt het monitoren van de omgeving tijdens de bouw van de Singelgrachtgarage-Marnix? De omgeving van de Singelgrachtgarage-Marnix wordt tijdens de bouw uitvoerig in de gaten gehouden. Hierbij maakt aannemer Mobilis gebruik van de kennis en ervaring van BouwRisk , een onafhankelijk expertisebureau gespecialiseerd in monitoring bij bouwprojecten.

In de voorbereidingsfase van het project is BouwRisk gevraagd voor het opzetten van een uitgebreid monitoringssysteem van de bouwkuip en de omgeving, vóór, tijdens en na de realisatie van de toekomstige parkeergarage in de Singelgracht.

Om de risico’s goed te kunnen beoordelen, is een inventarisatie gemaakt van de aanwezige panden en objecten in de omgeving. Deze inventarisatie heeft, samen met het ontwerp van de parkeergarage, geotechniek (alles wat van grond of in de grond wordt gebouwd, zoals (paal)funderingen, dijken, kades, tunnels) en de uit te voeren (risicovolle) werkzaamheden geleid tot het monitoringsplan.

Risicovolle werkzaamheden

Bij de bouw van de parkeergarage zijn de volgende werkzaamheden onderkend, die risicovol (kunnen) zijn voor de omgeving ten aanzien van trillingen, geluid of zettingen:

  1. Aanbrengen damwanden bouwkuip: risico op trillingen, zettingen en geluid
  2. Ontgraven bouwkuip: risico op zettingen en geluid
  3. Leegpompen bouwkuip: risico op zettingen en geluid

Indelen omgeving in vier risicozones

Op basis van de genoemde risicovolle werkzaamheden is de omgeving ingedeeld in vier zones, zoals ook te zien is in onderstaande tekening:

De vier risicozones
Tekening van de vier risicozones tijdens de bouw van de Singelgrachtgarage-Marnix.

Zone 1: Bouwkuip
Dit zijn de damwanden van de bouwkuip. Binnen zone 1 is de monitoring gericht op het meten van vervormingen aan en in de bouwkuip zelf. Vervormingen, maar ook wijzigingen in de grondwaterstanden binnen deze zone kunnen indirect effect hebben op de omgevingsobjecten in zones 2, 3 en 4.

Om de 10 tot 15 meter zijn meetpunten op de damwanden aangebracht, die periodiek worden gemeten om te zien of de damwanden niet te veel verplaatsen en/of vervormen tijdens het ontgraven en leegpompen van de bouwkuip.

Rijnard van de Werfhorst, werkvoorbereider bij Mobilis, licht toe: “Dat geeft direct een goede indicatie van wat mogelijk daarachter gebeurt. Pal achter de damwanden is die impact het grootst en bij de bouw van de Singelgrachtgarage-Marnix is de afstand tussen de damwanden en de huizen behoorlijk. Dus de kans dat er iets met de huizen gebeurt, is vrij klein. En daartussen hebben we nog allerlei andere monitoringspunten zitten. Daardoor kunnen we heel nauwkeurig schakelen op het moment dat er iets zou gebeuren.”

De grondwaterstanden worden sinds enkele maanden vóór de start van de bouw gemonitord. Van de Werfhorst: “Rondom de bouwkuip zijn peilbuizen met daarin dataloggers aangebracht. Die meten continu de actuele grondwaterstand op verschillende niveaus in de ondergrond. Op het moment dat een grondwaterstand boven of onder de signaalwaarde staat, krijgen we een berichtje. Aangezien de grondwaterstanden binnen Amsterdam een belangrijk aspect vormen, met name voor de houten paalfundaties, zijn de monitoringwaarden strak afgesteld. Dit resulteert er bijvoorbeeld in dat we bij een forse regenbui al direct een melding krijgen: let op! de waterstand is te hoog. Vervolgens krijg je een paar uur later een nieuwe melding: de waterstand is gezakt en weer op niveau.”

Zone 2: Kademuren en glooiingsconstructie
Dit is het gebied, waarin de bestaande kademuur van de Marnixkade en de glooiingsconstructie aan de Nassaukade liggen. Eventuele vervormingen van deze objecten kunnen een gevolg zijn van vervormingen in zone 1. Vervorming van de kadeconstructie en glooiingsconstructie kunnen zowel horizontaal (XY) als verticaal (Z) optreden.

Zone 3: Maaiveld (weg, kabels & leidingen)
Dit betreft het openbare gebied aan zowel de Nassaukade als de Marnixkade, oftewel weg,  fiets- en voetpad. De te verwachten vervormingen zijn op basis van het geotechnisch ontwerp gering en liggen ruim binnen de toelaatbare vervorming van de objecten. De monitoring van het maaiveld is erop gericht dat controlemetingen worden uitgevoerd als de gemeten vervormingen in zone 1 en 2 hier aanleiding toe geven.

Zone 4: Huizen
In deze zone vallen de huizen aan de Nassaukade en Marnixkade, maar ook de twee bruggen (Raampoortbrug en Zaagpoortbrug en de trambaan). Op basis van het geotechnisch ontwerp worden in deze zone geen vervormingen verwacht.

Van de Werfhorst: “Als je gaat graven in de bodem verandert er iets, maar je kunt nooit precies voorspellen wat dat is. Door de monitoring van de omgeving kun je op tijd ingrijpen als er iets gebeurt. Daarom zijn bijna alle huizen rond de bouwkuip voorzien van meetboutjes. Deze zijn al voor de aanvang van de werkzaamheden door de gemeente Amsterdam geplaatst en de afgelopen jaren over een langere periode regelmatig gemeten. Dezelfde meetpunten worden ook tijdens de bouw regelmatig door BouwRisk gepeild. De frequentie van meten is afhankelijk van de bouwfase. Zo monitoren we bijvoorbeeld tijdens het leegpompen van de bouwkuip dagelijks de meetbouten in de kademuren enaanliggende gebouwen. We verhogen de meetfrequentie als we veranderingen in de meetresultaten zien. Daardoor is het mogelijk om tijdig bij te sturen.”

In het kader van de hinder(-beleving) worden in deze zone ook trillingen en geluid gemonitord. “Vanaf dag één van dit project hebben we hier continu drie geluidsmeters hangen. Tijdens het aanbrengen van de damwanden hingen er trillingsmeters om te controleren of we niet te veel trillingen veroorzaakten. Bij overschrijding worden we gelijk gealarmeerd. Voor sommige activiteiten, zoals het trillen van de damwanden, hebben we een geluidsontheffing”, aldus Van de Werfhorst.

Monitoringsregime

Tijdens de bouw van de parkeergarage worden de bouwkuip, het maaiveld, de grondwaterstanden, de huizen, kademuren, bruggen en trambaan op vaste momenten gemeten. De frequentie van de meetmomenten is gebaseerd op de fase in het bouwproces en de bijbehorende uitvoeringsmethode.

Op onderstaande tekening is aangegeven welke metingen er worden uitgevoerd. Een aantal metingen wordt tot een half jaar na de oplevering van Singelgrachtgarage-Marnix uitgevoerd.

De drie monitoringsfases
De monitoringsfases rond de bouwkuip van de Singelgrachtgarage-Marnix.

Webportal

Alle meetdata worden integraal gepresenteerd in een webportal, die alleen toegankelijk is voor Gemeente Amsterdam, aannemer Mobilis en Peter den Nijs, die optreedt als onafhankelijk belangenbehartiger voor de omwonenden van de Singelgrachtgarage-Marnix.